Vogeljaarverslag 2015

Inleiding

Het werkgebied van de vogelsectie bestaat vooral uit het Overijsselse deel van het Reestdal in de voormalige gemeente Avereest. Het betreft hier de reservaatsgebieden die in bezit zijn van Landschap Overijssel, bijvoorbeeld de Haardennen waar de meeste van de kleine kasten hangen.

De werkgroep bezit en beheert meer dan vierhonderd kleine kasten, enkele tientallen torenvalk-, kerkuil- en steenuilkasten en acht ooievaarsnesten. De broedresultaten worden door zo’n twintig leden bijgehouden. Van een aantal vogelsoorten worden de jongen geringd, zoals bonte vliegenvanger, kerkuil en steenuil . Alle gegevens worden doorgegeven aan de SOVON.  De sectie heeft twee leden met een ringvergunning. Jonge ooievaars worden door medewerkers van De Lokkerij geringd.

Contact

De sectie wordt gecoördineerd door Teo en Judith Schmidt . Voor informatie verwijzen we u naar dit emailadres:

tjvogelaars@live.nl

DSC_0027 - kopie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het ging in 2015 goed met de steenuilen in en rondom het Reestdal, maar…  

Van de 26 kasten die de vogelsectie bezit waren er in 2015 zes bezet. Er werden in totaal 26 eieren gelegd.  Een mooie start van het broedseizoen dus. Helaas ging het een en ander mis. Drie kasten met daarin 12 eieren werden leeggehaald, waarschijnlijk door vriend steenmarter. Inmiddels zijn alle kasten aangepast, de steenmarter kan er niet meer in. In de overgebleven drie kasten werden alle 14 eieren uitgebroed. De jongen konden ook allemaal worden geringd. Maar ook hier geen rozengeur en maneschijn:  vier weken na het ringen verongelukten twee jonge steenuilen in het verkeer en werden twee andere jongen door een kat gedood.

De kasten die niet door steenuilen werden bezet kregen vaak andere inwoning: spreeuwen en kauwtjes. Jonge steenuilen worden niet alleen geringd, maar ook gewogen en gemeten. Alle gegevens komen bij het Vogelringstation en SOVON terecht.

Land zonder prikkeldraad is geen steenuilenland 

Het biotoop van de steenuil gaat achteruit.   De belangrijkste oorzaak is de aantasting en geleidelijke verdwijning van het kleinschalige cultuurlandschap in de laatste tientallen jaren door enerzijds de intensivering van de landbouw en anderzijds de uitbreiding van dorpen en steden, industrieterreinen en infrastructurele werken. Vele landschapselementen, zoals houtwallen, meidoornhagen en poelen, zijn verdwenen. Hierdoor nam zowel de nestgelegenheid als de beschikbaarheid van voedsel af. Op plekken waar geen prikkeldraad staat loopt geen vee. Een paar pony’s in een weilandje, wat jongvee om het huis , een erf dat niet al te netjes is, het biedt de steenuil een gedekte tafel met insecten en regenwormen. In de ecologische woestijnen van de grootschalige landbouw heeft een steenuil niets te zoeken. Gelukkig zijn er nog genoeg boeren en burgers die het prachtig vinden om in hun tuin/ op het erf een paartje steenuilen te hebben.

Contact 

De steenuilenwerkgroep bestaat uit vier personen. Coördinator is Henri Timmer.  Wilt u meer weten over steenuilen in onze regio, dan kunt u contact met hem opnemen: henri-timmer@home.nl

Info 

Voor meer info kunt u gebruik maken van deze links:

zorg voor de steenuil 

steenuilenoverleg Nederland 

 

 

 

 

 

 

 

 

De foto’s zijn gemaakt door Henri Timmer.

 

Roeken houden steeds vaker van kleine kolonies 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nog niet zo heel lang geleden hadden we in onze regio twee hele grote roekenkolonies. De kolonie van het Colenbrandersbos ten oosten van Dedemsvaart en de kolonie van het Donkere Bosje ten zuiden van Balkbrug. Zo bestond 15 jaar geleden (april 2001) de kolonie Colenbrandersbos uit 300 nesten en de kolonie bij Balkbrug uit 633 nesten. De eerst genoemde kolonie is al een aantal jaren verdwenen, die bij Balkbrug bestaat nog, maar is aanmerkelijk kleiner. De laatste jaren zien we dat de roeken vaker kiezen voor het broeden in een kleine kolonie. Het aantal roeken stabiliseert, maar grote kolonies worden kleiner en op andere plekken ontstaan (soms tijdelijk) nieuwe kolonies.

In 2015 werden in en rondom Dedemsvaart en Balkbrug acht kolonies aangetroffen. In april worden de nesten geteld. De gegevens worden doorgegeven aan SOVON  De nestentelling leverde de volgende resultaten op:

 

Kolonies in 2015 Getelde nesten
Donkere Bosje Balkbrug 253
Lange Jacht 7   19
Achter RK Kerk Langewijk     4
Skatebaan Zeven Linden   53
Hoek Mulderij/Zuidwolderstraat     9
Rheezerend 32   15
Groen van Prinstererschool Langewijk 423   11
Basisschool Langewieke Langewijk 178     7
Kleine roekenkolonie in agrarisch landschap

Kleine roekenkolonie in agrarisch landschap

 

 

De roek is een kwetsbare vogel. De stand reageert sterk op veranderingen in het landschap. Daling van de grondwaterstand bijvoorbeeld heeft een negatieve invloed op het voedselaanbod van de roek. Roeken houden van een open parklandschap met hoge opgaande bomen. In de omgeving van de kolonieplaats moeten weilanden en akkers aanwezig zijn. Roeken houden niet van bossen en hele open landschappen. De roek is een alleseter. Op grasland zijn ze op zoek naar ongewervelden die in de bodem voorkomen: regenwormen, ritnaalden, emelten, aardrupsen e.d.) Op akkerlanden doen ze dat ook, maar ze eten dan ook zaaigoed. Ze zijn dol op ontkiemend graan. Je zou kunnen zeggen dat de roek voor de landbouw een nuttige en een schadelijke vogel is. Helaas wordt de roek vaak afgerekend op zijn schadelijke kant. Daarmee doe je deze vogel tekort. Zo’ n 80% van de roeken broedt in Gelderland, Drenthe, Overijssel, Noord-Brabant en Friesland.

Voor meer info :

Telgegevens Sovon over de roek

Bijzonderheden over de roek door Vogelbescherming Nederland 

Roekenoverlast in Meppel februari 2016 

Kolonie Skatebaan naast De Zeven Linden Dedemsvaart

Kolonie Skatebaan naast De Zeven Linden Dedemsvaart

Kolonie Donkere bosje naast Veldzicht

Kolonie Donkere bosje naast Veldzicht

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De torenvalk heeft het moeilijk

a7

De natuurwerkgroep bezit en beheert meer dan twintig torenvalk-kasten. Deze kasten hangen op plekken waar de torenvalk zich thuis voelt. Het jaar 2015 kende een rampzalig broedseizoen. Slechts een broedsel werd in een kast aangetroffen. Daarvan werden alle vijf jongen het slachtoffer van predatie.

Op de website van de vogelbescherming staat:

De torenvalk is een typische vogel van het agrarische landschap, open natuurlandschappen, langs wegen en in boomgaarden. In het landschap moeten enkele hoge bomen of uitkijkpunten aanwezig zijn waar ze ook in kunnen broeden. Maakt zelf geen nest, maar broed in nestkasten, oude nesten van kraaien en in of op gebouwen. Wegbermen, akkerranden, dijkbegroeiingen, overhoekjes en ruigtevegetaties zijn de plekken bij uitstek waar torenvalken zoeken naar hun favoriete prooi: veldmuizen.  

Biddende torenvalk boven Reestdal

Biddende torenvalk boven Reestdal

 

 

 

 

 

 

Hoewel het erop lijkt dat we in onze regio weer steeds meer torenvalken zien, gaat het met deze mooie muizeneter niet goed. Al jaren achtereen gaat het aantal broedgevallen achteruit.  Sinds ongeveer 1990 zien we steeds minder torenvalken, met kleine tijdelijke oplevingen in veldmuisrijke jaren. Steeds intensiever grondgebruik maakt grote delen van het boerenland ongeschikt voor de torenvalk: er is onvoldoende voedsel (bron: Sovon)

Meer info over de torenvalk vindt u op de websites van:

De Vogelbescherming

Sovon

Natuurfilmer Cees van Kempen maakte een prachtig drieluik: de terugkeer van de ijsvogel, de terugkeer van de bever en de terugkeer van….de torenvalk. Bekijk hier de film. Deze is door de Vara uitgezonden in november 2015. Klik op de foto.

terugkeer torenvalk